Grijze Huisspin

Grijze huisspin

Ja hoor, daar zit er weer eentje op de muur, een grijze huisspin (Tegenaria domestica). De schrik van elke huisvrouw. Een flinke spin, maar toch niet zo groot als de gewone huisspin.
De grijze huisspin behoort tot de groep trechterspinnen (Agelenidae), genoemd naar de trechtervorm van het web waarin ze zich ophouden.

Kraamwebspin

Kraamwebspin

De kraamwebspin (Pisaura mirabilis) heeft een lichaamslengte van 10 tot 15 mm, waarbij, zoals gewoonlijk bij spinnen, het vrouwtje iets groter is dan het mannetje. Ze hebben acht ogen, vier boven en vier aan de voorzijde van de kop. De kleur varieert van geelbruin  tot donkerbruin. Het mannetje is gewoonlijk wat donkerder van tint. Boven op de kop loopt een lichte lengtestreep.
Ook de rusthouding is typisch waarbij de voorste vier poten twee aan twee naar voren zijn gericht waardoor de spin maar zes poten lijkt te hebben (zie hier).

Lente voor de Huiszebraspin

Huiszebraspin

Het zonnetje krijgt weer echt kracht. De buitenmuur is warm genoeg om de huiszebraspin (Salticus scenicus) voor het eerst van het jaar naar buiten te lokken om zich lekker op te laten warmen.

Kruisspin in de Gang

Jonge kruisspin

Er woont al zeker een half jaar een heel klein spinnetje boven mijn voordeur. Eerst zat de spin aan de linkerkant van het bovenlicht, sinds een paar dagen heeft het dier aan de rechterkant een web gemaakt.
Zo te zien kan de spin aan voldoende voedsel komen want het beestje is groot genoeg geworden om er een redelijke foto van te kunnen maken. Ik was toch wel benieuwd welke soort het betreft. Dus op de keukentrap geklommen en wat opnames gemaakt.
Bij bestudering op het computerscherm blijkt het een kruisspin (Araneus diadematus) te zijn, een vrouwtje. Het kan nog wel even duren tot het dier volgroeid is, want een kruisspin heeft twee jaar nodig om zich te ontwikkelen tot volwassen spin.

Rode Hooiwagen 2

Rode hooiwagen

… vervolg van 27 januari.

Hier een beter aanzicht op de typische tekening van het achterlijf van een vrouwtje rode hooiwagen (Opilio canestrinii).

Rode Hooiwagen 1

Rode hooiwagen

Nog even een hooiwagen uit de oude doos. De soort op de foto is een rode hooiwagen (Opilio canestrinii). Ook weer een zeer algemene soort van tuinen en parken. Vaak te vinden op kruiden en muren.
De vrouwtjes (zoals deze) zijn bleekgeel en hebben zwarte, witbegrensde dwarsstreepjes op het achterlijf. De poten zijn afwisselend licht en donker geringd.

Wordt vervolgd

Opilio Saxatilis 2

Opilio saxatilis

… vervolg van 21 januari.

Op deze foto van Opilio saxatilis is de verdikte femur van de eerste poot goed te zien. Bovendien zijn de poten bezet met krachtige doorns.
De oogheuvel heeft twee rijen met 4 tot 6 tanden.

Opilio Saxatilis 1

Opilio saxatilis

Ook Opilio saxatilis is een algemeen voorkomende hooiwagen in ons land, maar is oorspronkelijk afkomstig uit het Middellandse Zeegebied.
Opilio saxatilis varieert in lengte van 3 mm (mannetjes) tot bijna 6 mm (vrouwtjes). De femur (eerste deel poot vanaf het lichaam) van de eerste en derde poot is opvallend verdikt. Meestal zijn ze voorzien van lichte streep over het lichaam.

Wordt vervolgd

Gewone Hooiwagen 3

Gewone hooiwagen

… vervolg van 17 januari.

Om het verhaal over de gewone hooiwagen (Phalangium opilio) af te maken hierbij nog een bovenaanzicht.

Gewone Hooiwagen 2

Gewone hooiwagen

… vervolg van 15 januari.

Hier het vrouwtje van de gewone hooiwagen (Phalangium opilio) in haar volle glorie.
Volwassen dieren van deze soort kun je van mei tot december aantreffen in een warme en droge omgeving.

Wordt vervolgd