Recente reacties

Vijverloper 2

… vervolg van gisteren.

Kop van een vijverloper met ingeklapt rostrum.

Op deze foto is het ingeklapte rostrum van de vijverloper (Hydrometra stagnorum) onder kop goed te zien. Het rostrum kan recht naar onderen worden gedraaid en werkt dan als een soort speer om de prooi op te kunnen spietsen en uit te zuigen.
Let ook op de lange, smalle kop met op tweederde de ogen.

Vijverloper 1

Vijverloper – Hydrometra stagnorum.

Deze vijverloper (Hydrometra stagnorum) vonden we in onze woonkamer wandelend over het behang. Waarschijnlijk meegelift op kleding na werkzaamheden in de tuin.
Vijverlopers zijn wantsen, beter gezegd oppervlaktewantsen. Ze lopen vrij langzaam over het wateroppervlak van stilstaande of langzaam stromende wateren. Het zijn roofdieren die hun prooi spietsen met een steeksnuit, het zogenaamde rostrum. Ze hebben vaak vrijwel geen vleugels, maar soms zijn er ook volledig gevleugelde exemplaren.

Wordt vervolgd …

Zuringwants Deel 2

Vierledige antenne van de zuringwants

Vierledige antenne van de zuringwants

… vervolg van gisteren.

Als je de zuringwants (Coreus marginatus) van dichtbij bekijkt zie je dat het lichaam vol kleine putjes zit, net als bij een golfbal. Kenmerkend voor de groep randwantsen (Coreidae) zijn de vierledige antennes, in het geval van de zuringwants rood met een zwart uiteinde.

Zuringwants

Zuringwants

Zuringwants

De zuringwants (Coreus marginatus) kun je in deze tijd regelmatig aantreffen langs bosranden bijvoorbeeld op braam of zwarte bes. Ze zitten graag in de zon omdat ze dan sneller worden.
De soort is herkenbaar aan de twee kleine hoorntjes tussen de antennes, de vierledige antennes met een rode kleur en zwart uiteinde, de platte rand om het lichaam en de opstaande brede ‘schouders’. De lengte is ongeveer 15 millimeter. Pak ze liever niet vast, ze kunnen een stinkende vloeistof afscheiden die lastig te verwijderen is.
Op de foto staat waarschijnlijk een mannetje, deze heeft iets langere antennes dan het vrouwtje.

Pantilius tunicatus

Graswants Pantilius tunicatus

Graswants Pantilius tunicatus

Een vrij algemene wants is deze Pantilius tunicatus, een soort die geen Nederlandse naam heeft, tenminste, ik kan er geen vinden. Het is een blindwants met een lengte van ongeveer 10 mm. De kleur van het insect is oorspronkelijk groen maar wordt naarmate ze ouder wordt steeds roder. Tot in oktober kan zij gevonden worden, vooral op iep en berk.

Groene Stinkwants

Groene stinkwants op citroenmelisse

Groene stinkwants op citroenmelisse

Kleine jongens worden groot. Op 12 augustus liet ik een foto zien van een juveniele Groene stinkwants (Palomena prasina). Gisteren fotografeerde ik dit volwassen exemplaar op citroenmelisse.

Groene Stinkwants

Jonge groene stinkwants

Jonge groene stinkwants

Deze juveniele Groene stinkwants (Palomena prasina) was zo vriendelijke even te poseren op een bloemblad van een margriet.
De Groene stinkwants behoort tot de groep van de schildwantsen. Zo genoemd omdat hun vorm veel lijkt op een middeleeuws schild.

Smalle Randwants

Smalle randwants – Gonocerus acuteangulatus

Deze Smalle randwants (Gonocerus acuteangulatus) die ik in mijn tuin vond is een algemeen voorkomende schildwants (Heteroptera).
Wereldwijd bestaat de orde wantsen uit meer dan 75.000 soorten, waarvan 8000 in Europa en zo’n 1000 in Nederland. Alle soorten hebben stekende monddelen als een injectienaald waarmee ze plantensappen of bloed zuigen.

Shield bug, Stink bug.