Recente reacties

Perentak

Vrouwtje perentak

Vrouwtje perentak

Een van de nachtvlinders die je rond deze tijd kunt aantreffen is de perentak (Phigalia pilosaria). Het vrouwtje van deze vlinder heeft net als een aantal andere voor- en najaarsspanners geen vleugels, dus hoef je niet bang te zijn dat ze wegvliegt.
Het vrouwtje is eigenlijk alleen maar een wandelende zak met eitjes. De mannetjes, aangetrokken door haar feromonen, bevruchten het vrouwtje en na het afzetten van haar eitjes sterft ze.

Bladpootwants

Bladpootwants

Bladpootwants

Van de week kwam mijn buurman aan de deur met een insect in een plastic potje. In het potje zat een flinke wants, hoewel je een wants eigenlijk in deze tijd van het jaar niet zou verwachten.
Na wat foto’s van het dier gemaakt te hebben wilde ik de wants determineren. De wants had opvallende verbredingen aan de schenen van de achterpoten dus determinatie moest eenvoudig zijn (dacht ik). Mijn insectengids bracht geen uitkomst, ook een Duitse internetsite met Europese wantsensoorten niet. Een tweede internetsite bracht me na wat zoekwerk uiteindelijk wel de oplossing.
Het gaat hier om de bladpootwants (Leptoglossus occidentalis), een wants die oorspronkelijk uit Noord-Amerika komt en pas in 2007 voor het eerst in Nederland is waargenomen. In 2008 waren er slechts tien waarnemingen van deze soort en op waarneming.nl telde ik er al 34 in 2009. De soort is dus duidelijk in opmars in Nederland. Opvallend is dat de meeste van deze waarnemingen langs de kust plaatsvinden.
De bladpootwants is een randwants (Coreidae) met een lengte van zo’n twee centimeter en kan goed vliegen. De soort leeft op verschillende soorten naaldbomen, vooral op den en spar, maar in stedelijk gebied ook op ceder en jeneverbes. De wantsen zuigen aan de ontwikkelende zaden en jonge scheuten en kunnen daardoor aanzienlijke schade aanrichten aan de zaadproductie van de waardplant.
De bladpootwants heeft doorgaans één generatie per jaar en overwintert als adult. Ze overwinteren op beschutte plaatsen, onder andere in woningen. Soms in grote groepen omdat ze elkaar aantrekken door de afscheiding van feromonen.