|
|
 Roodkopvuurkever
In ons land zijn er maar twee soorten vuurkevers bekend: de zwartkopvuurkever (Pyrochroa coccinea) en de roodkopvuurkever (Pyrochroa serraticornis). Het enige verschil tussen deze twee is de kleur van de kop. Ze zijn met een lengte van 14 to 18 millimeter vrij fors.
De larven van deze kevers leven minimaal twee jaar onder vermolmde boomschors voordat ze gaan verpoppen, ze hebben dan een lengte bereikt van 3,5 centimeter. Na een maand komt de kever tevoorschijn.
De kevers leven maar een paar weken. De mannetjes sterven na het paren, de vrouwtjes nadat ze eitjes gelegd hebben onder rotte boomschors.
 Zweefvlieglarven
… vervolg van 22 juli.
Laat maar, ik heb het zelf al opgelost.
Gelukkig had ik de stengel van de waterlelie in een laagje water gezet, want een dag na de vondst van de eitjes waren ze al uitgekomen en krioelden er tientallen kleine larfjes in het water.
Het blijkt te gaan om de larven van een zweefvlieg. Ze hebben een lange adembuis die ze als een soort snorkel gebruiken om te ademen. Ze worden dan ook wel rattenstaartlarven genoemd.
Om welke zweefvliegsoort het gaat weet ik niet, maar ik probeer ze uit te kweken. Dus wordt misschien vervolgd.
 Cocon onder een lieveheersbeestje
Laatst ontdekte ik in mijn tuin een zevenstippelig lieveheersbeestje (Coccinella septempunctata) dat op een bolletje spinsel zat. Aangezien lieveheersbeestjes helemaal geen spinsel kunnen aanmaken wist ik even niet wat ik er mee aan moest.
Gelukkig brengt internet dan uitkomst. Het is vermoedelijk de verpopte larve van een kleine sluipwesp genaamd Dinocampus coccinellae.
Deze sluipwesp heeft een zeer interessante manier van voortplanten. De wesp legt door middel van haar legboor een eitje in een lieveheersbeestje. In het geval van Dinocampus coccinellae gaat het meestal om zevenstippelige lieveheersbeestjes. Het eitje ontwikkelt zich tot larve en gaat een bepaalde chemische stof afscheiden. Deze stof gaat cellen van het lieveheersbeestje veranderen waarmee de larve zich voedt. Het lieveheersbeestje wordt dus niet van binnen opgegeten en blijft ‘gewoon’ leven. Nadat de larve een week of drie, vier in de kever geleefd heeft bijt het de zenuwen van de pootjes van zijn gastheer door zodat deze niet meer kan lopen. Hierna verlaat de larve het lieveheersbeestje en maakt een cocon tussen de pootjes van de arme, nog steeds levende kever. In de cocon ontwikkelt zich in een dag of negen een nieuwe sluipwesp.
Allemaal heel interessant, dus wilde ik ook wel eens zien wat er ging gebeuren. Bovendien vond ik nog twee geparasiteerde zevenstippelige lieveheersbeestjes die op een cocon zaten. Alle drie in een bakje gedaan en nu maar afwachten.
Wordt vervolgd …
 Kortvleugelboorkever
Een niet heel erg algemene kever in Nederland is de kortvleugelboorkever (Valgus hemipterus). Deze soort is meer bekend in Zuid- en Middeneuropa.
De larven van deze kever ontwikkelen zich gedurende een jaar in het rottende hout van afgestorven loofbomen. De 6 tot 10 millimeter grote kever kun je in mei en juni op bloemen en hout aantreffen. Kenmerkend zijn de verkorte dekschilden. De vrouwtjes zijn te herkennen aan de legboor op het achterlichaam.
 Zwervende mestkever
… vervolg van 27 maart.
De zwervende mestkever (Aphodius prodromus) heeft een lichaamslengte van 4 tot 7 millimeter en schijnt heel algemeen te zijn. Ik had er in ieder geval nog nooit een gezien.
Mestkevers zoeken mest en begraven het na er eerst een eitje op gelegd te hebben. De uitgekomen larven gebruiken die mest dan weer als voedsel. De zwervende mestkever heeft een voorkeur voor paardenmest, maar kan in alle soorten uitwerpselen en rottende plantenresten gevonden worden.
 Maaltje meelwormen
Te laat voor Halloween maar niet te laat om te griezelen: een beeldvullende groep meelwormen.
Meelwormen zijn de larven van de op zich niet zo bekende meeltor (Tenebrio molitor) en worden veel verkocht als vis- en vogelvoer.
 Schietmot Limnephilus flavicornis
Schietmotten (Trichoptera) of kokerjuffers is een orde van bijna 6000 insecten, die vrijwel allemaal hun stadium als larve in het water doorbrengen. In Nederland zijn ongeveer 200 soorten bekend. De volwassen insecten zijn veelal bruinachtige, motachtige insecten, die vrij slecht kunnen vliegen. De meeste soorten zijn ‘s nachts actief en komen af op verlichte ramen of buitenverlichting.
De larven van schietmotten maken onder water kokers van kleine steentjes of plantendelen die bijeen worden gehouden door zijdedraden. Alleen de kop en poten steken er uit. De kokertjes zijn aan beide uiteinden open en worden naar gelang de larve groter wordt aan de kant van de kop steeds verder vergroot.
Na een tijd verpopt de larve zich in de koker nadat ze deze aan een steen of plant hebben vastgezet. Zodra te tijd rijp is verlaat het volwassen dier de koker, zwemt naar de oppervlakte en vliegt meteen weg.
Op de foto een volwassen (imago) schietmot Limnephilus flavicornis die tijdens een avondje nachtvlinderen kwam aanvliegen.
 Behaarde bijenwolf op kamille
Zijn naam klinkt als een verschrikkelijk monster, maar wees gerust, het is slechts een kever. De behaarde bijenwolf (Trichodes alvearius) behoort tot de bonte kevers (Cleridae) en is algemeen op bloemen, in het bijzonder op schermbloemen. De larve van deze kever leeft van de larven van solitaire bijen, vandaar zijn naam.
 Schuim- of spuugbeestje
Het ziet er een beetje uit als een beest uit de film “Alien”. Je hoeft er echter niet bang voor te zijn met zijn lengte van 5 millimeter. Het is een schuimbeestje (Philaenus spumarius), een cicade. Ze worden ook wel spuugbeestjes genoemd naar het schuim wat ze als larve afscheiden om in te kruipen. Zie hiervoor ook mijn bijdrage van 30 mei jongstleden.
Als je een schuimbeestje even tegen het achterwerk tikt maakt ze een enorme sprong, wel tot zo’n 70 centimeter. Dit is in verhouding met een mens een sprong van 210 meter!
 Veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje
Op dinsdag 21 augustus had ik een bijdrage over de larve van het Veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje (Harmonia axyridis). Welnu, hier is de volwassen kever. Dit is slechts een van de vele kleurencombinaties, want zoals de naam al zegt: het beestje is veelkleurig.
Het Veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje is herkenbaar aan de witte vlekken op het halsschild welke altijd de zijrand raken. Verder is ze vaak (niet altijd goed zichtbaar) herkenbaar aan de deuk of groef aan de achterkant van de dekschilden.
|
|
Recente reacties