
Groot avondrood
Een andere bezoeker van de Nationale Nachtvlindernacht van het afgelopen weekend was een groot avondrood (Deilephila elpenor). Een prachtig gekleurde pijlstaartvlinder(Sphingidae) met een spanwijdte van zo’n zes centimeter.
De waardplanten van groot avondrood zijn o.a. wilgenroosje, springzaad, waterdrieblad, kattenstaart en teunisbloem. Ook op fuchsia wordt de rups met zijn opvallende oogvlekken wel gevonden.

Dwergvedermot
De dwergvedermot (Adaina microdactyla) is met zijn spanwijdte van 13 millimeter inderdaad maar een klein nachtvlindertje.
De soort vliegt in twee generaties van april tot juni en van augustus tot september. De rupsen van de zomergeneratie leven van bloemen en zaaddozen, de rupsen van de wintergeneratie boren zich in plantenstengels en overwinteren daar.

Kameeltje
Het dier waar ik nu op doel is geen zoogdier op vier poten, maar een insect op zes poten.
Dit kameeltje (Notodonta ziczac) is een nachtvlinder uit de groep tandvlinders of Notodontidae. De rups van het kameeltje heeft twee bulten op de rug, vandaar die naam.

Agaatvlinderrups
Volgens mij heeft deze rups van de agaatvlinder (Phlogophora meticulosa) zich een beetje vergist in de temperatuur. Verstijft van de kou zit het dier nu open en bloot op een takje van de clematis te wachten op betere tijden.
Het is niet te hopen voor hem dat een vogel andere plannen met hem heeft.

Bruine herfstuil
Op het moment van schrijven vliegt de bruine herfstuil (Agrochola circellaris) al niet meer, deze soort is van augustus tot december op de vleugels.
De ongeveer twee centimeter grote nachtvlinder uit de groep Noctuidae is ondermeer herkenbaar aan de donkere vlekken aan de binnenkant van de niervlek. Ze laten zich goed lokken met smeer of met licht.
De rupsen van de bruine herfstuil leven van maart tot juni op diverse loofbomen zoals iep, populier en es. Eerst voeden ze zich met de bloemen en later de bladeren. Daarna laten ze zich op de grond vallen en eten van kruidachtige planten totdat ze zich in de grond verpoppen. Na ongeveer zes weken komt de vlinder uit.

Trechtervormige nestingang
… vervolg van 7 september.
Een tijdje later is het nestcel van urntjeswesp Eumenes papillarius volledig klaar om in gebruik te worden genomen. Nu wordt ook duidelijk waarom deze groep van wespen urntjeswespen genoemd worden: de opening van het nest lijkt heel veel op de hals van een urn. Deze vorm heeft een tweeledig doel, namelijk als trechter en specievoorraad.
De wesp gaat nu op zoek naar de rups van (meestal) een spanner, verdooft deze met een steek van haar angel en duwt deze door het trechtervormige gat naar binnen. Meerdere rupsen worden zo naar binnen gepropt. Deze rupsen dienen later als levend voedsel voor de larve van de wesp.
Nadat de wesp één eitje in het nest heeft afgezet wordt het gaatje afgesloten gebruik makend van de specie uit de trechter.
Wordt vervolgd …

Verse ligusterpijlstaart
… vervolg van deel 19.
Op 9 augustus van het vorig jaar was de laatste aflevering over een serie waarin ik de ontwikkeling van eitje tot pop volgde van de ligusterpijlstaart (Sphinx ligustri).
De cirkel is nu bijna rond, want uit een van de twee overgebleven poppen is nu een prachtige ligusterpijlstaart gekomen. Ik meende het al aan te zien komen omdat beide poppen langzaam donker begonnen te verkleuren.
Het wachten is nu op de laatste pop…
Wordt vervolgd …

Poppen van de ligusterpijlstaart
… vervolg van deel 18.
Aan al het mooie komt (voorlopig) een einde. De rupsen van de Ligusterpijlstaart (Sphinx ligustri) zijn inmiddels verpopt. Gebroederlijk liggen ze naast elkaar te poseren voor de foto.
Het is nu 36 dagen geleden dat de rupsen uit het ei gekropen zijn. Als alles goed gaat zullen ze volgend jaar als vlinders uitsluipen en is de kringloop rond.
Wordt vervolgd …

Rups van de ligusterpijlstaart vlak voor de verpopping
… vervolg van deel 17.
De rupsen van de Ligusterpijlstaart (Sphinx ligustri) zijn gestopt met eten en de laatste dagen zeer onrustig. De kleur van de rug is veranderd van een helder groen naar een bruinige tint. In de bak waar ik ze hou zijn ze voortdurend gangen door het zand aan het graven. Het zal nu niet lang meer duren tot ze gaan verpoppen.
Wordt vervolgd …

Meten van de rupsen (en keutel) van de ligusterpijlstaart
… vervolg van deel 16.
Hier is het bewijs, de twee Ligusterpijlstaartrupsen (Sphinx ligustri) die ik de afgelopen weken in foto’s heb gevolgd. Ze zijn op dit moment 27 dagen oud, 80 millimeter lang en 15 millimeter dik. De keukenweegschaal sloeg uit naar 10 gram per rups.
Eentje presteerde het om tijdens het poseren nog een keutel te produceren.
Wordt vervolgd …
Recente reacties