Oligolophus hanseni

Vrouwtje Lacinus ephippiatus

Vrouwtje Oligolophus hanseni

Ze ziet er zo groot in beeld vervaarlijk uit, maar dat valt wel mee hoor. Het is slechts een hooiwagen en wel Oligolophus hanseni.
Hooiwagens (Opiliones) vormen een orde binnen de de klasse van spinachtigen (Arachnida). Er zijn wereldwijd ongeveer 6000 soorten beschreven. In Nederland zijn 30 soorten bekend.

Hooiwagens worden vaak met spinnen verward, vooral met de grote trilspin (Pholcus phalangioides). Het duidelijkste verschil met spinnen is de afwezigheid van de sterke insnoering tussen kopborststuk en achterlijf. Ook hebben hooiwagens geen spintepels of gifklieren.

 

 

De belangrijkste kenmerken van hooiwagens zijn:

  • vier paar poten
  • kopborststuk en achterlijf die over de volle breedte versmolten zijn
  • aanwezigheid van een oogheuvel op het kopborststuk
  • bezit van inwendige geslachtsorganen

Bron: De Nederlandse Hooiwagens door Hay Wijnhoven

Wordt vervolgd …

Gewone Staartspin

Vrouwtje gewone staartspin

Vrouwtje gewone staartspin

Deze gewone staartspin (Tetrix denticulata) vond ik in mijn schuurtje verstopt in haar spinsel. Om de spin wereldberoemd te maken heb ik haar even uit het nest gehaald om te kunnen fotograferen.
De gewone staartspin behoort tot de trechterspinnen (familie Agelenidae), deze soort is heel goed herkenbaar aan de grote spintepels op het achterlijf.
Na de fotosessie heb ik haar natuurlijk weer op haar vertrouwde plekje teruggeplaatst.

Vrouwtje Zwartstaartwolfspin

Vrouwtje zwartstaartwolfspin met cocon

Vrouwtje zwartstaartwolfspin met cocon

Wolfspinnen zijn vrij jagende rovers. Ze maken geen web, maar jagen op hun prooi, voornamelijk gebruik makend van hun goede gezichtsvermogen. Zoals veel spinnen hebben ze acht ogen, vier kleine aan de voorkant van hun kop, twee grote ogen daar boven en tenslotte nog twee vrij grote ogen boven op hun kop. Het vrouwtje van de wolfspin draagt haar eiercocon aan de  spintepels en als de jongen uitgekomen zijn worden deze vervoerd op het achterlijf.
De foto toont een vrouwtje van de zwartstaartwolfspin (Pardosa lugubris) met eiercocon. Zwartstaartwolfspinnen zie (en hoor)  je veel langs bospaden, ze ritselen dan door het gebladerte op de grond.

Nest Gewone Huisspinnen

Nest gewone huisspinnetjes

Nest gewone huisspinnetjes

Achter een plank in de schuur ontdekte ik een nest met jonge spinnetjes. Na wat foto’s te hebben gemaakt kon ik op het computerscherm zien dat we te maken hebben met de gewone huisspin (Tegenaria atrica). Als je goed kijkt kun je de voor de trechterspinnen kenmerkende grote spintepels op het achterlijf al zien zitten. Ook zie je een aantal vervelde huidjes liggen.
Nu nog enkele millimeters groot, maar ze kunnen uitgroeien tot wel vijf centimeter.
Overigens denk ik dat dit de jongen zijn van deze spin die ik op 28 april van dit jaar beschreef.

Gewone Komkommerspin 2

Kenmerkende rode vlek bij de spintepel

Kenmerkende rode vlek bij de spintepel

… vervolg van gisteren.

Bekijken we de gewone komkommerspin (Araniella cucurbitina) aan de onderzijde dan is de kenmerkende rode vlek achter de spintepel goed te zien.
De gewone komkommerspin is een algemeen voorkomende spin van bosranden, maar ook in de tuin is het een gewone gast. De grootte van het mannetje is 3,5 tot 4,5 mm. Zoals meestal bij spinnen is het vrouwtje is met 4,5 tot 8,5 mm een stukje groter. De spin bevind zich meestal onder een horizontaal gesponnen wielweb.

Gewone Komkommerspin

Mannetje van de gewone komkommerspin

Mannetje van de gewone komkommerspin

Een kleine spin met een opvallende kleur en dito naam is de gewone komkommerspin (Araniella cucurbitina). De spin behoort tot de groep van de wielwebspinnen (Araneidae) en is buiten de groene kleur van het achterlichaam herkenbaar aan de rode vlek achter de spintepel. Op de foto van het artikel morgen is dit beter te zien.

Gewone Staartspin

Gewone staartspin in trechterweb

Gewone staartspin in trechterweb

De gewone staartspin (Textrix denticulata) behoort tot de trechterspinnen (Agelenidae). Deze spinnen kenmerken zich door de bouw van hun spintepels die opvallend uit het achterlijf steken. Ook de gewone huisspin behoort tot deze groep.
Trechterspinnen verschuilen zich in een buis in het midden van een kriskras gesponnen matvormig web. Het web is niet kleverig, maar geeft bewegingen van de prooi door. Als de spin een prooi vermoedt, rent deze naar buiten en sleept het slachtoffer de buis in om het te verorberen.

Muurkaardespin Deel 2

Onderaanzicht van de muurkaardespin

Onderaanzicht van de muurkaardespin

Heeft u zich wel eens afgevraagd hoe een spin er aan de onderkant uitziet? Ja, dan is bij deze uw wens vervuld. Nee, klik dan maar niet op de foto rechts.
De muurkaardespin (Amaurobius similis) van gisteren heb ik in een glazen petrieschaaltje gezet en van onder af gefotografeerd. Ook ditmaal werkte de spin niet meteen mee en duurde het een tijd totdat hij goed voor de camera poseerde.
Heel goed zichtbaar is de spintepel aan het achterlijf en de knotsvormige palpen die aangeven dat het om een mannetje gaat.