
Gehakkelde aurelia in tegenlicht
Deze gehakkelde aurelia (Polygonia c-album) lijkt zich voor me te verstoppen.
Door de vlinder tegen het zonlicht in te fotograferen ontstonden er mooie lichte randen langs de vleugels. Door zachtjes in te flitsen is de vlinder van onderen ook goed belicht.

Vedermot Emmelina monodactyla
Het lijkt of dit afschrikwekkende creatuur van tandenstokers gemaakt is, maar in werkelijkheid is het dier niet groter dan 25 millimeter.
Het is een Emmelina monodactyla, een vedermot (Pterophoridae) dit de vleugels opgerold heeft in rust.
Morgen laat ik je het hele insect zien.

Patronen op de gestreepte goudspanner
… vervolg.
Als we de vleugels van de gestreepte goudspanner (Camptogramma bilineata) van iets verder bekijken
vallen de complexe patronen die door de plaatjes gemaakt worden op.
Wordt vervolgd …

Plaatjes van de gestreepte goudspanner
Op deze foto kun je aardig zien hoe vleugels van een nachtvlinder er in detail uitzien.
Deze vleugels zijn bedekt met plaatjes. De verschillende kleuren van de plaatjes vormen een mozaïk die de voor ons oog herkenbare patronen maken.
Voor de foto is gebruik gemaakt van een gestreepte goudspanner (Camptogramma bilineata).
Wordt vervolgd …

Gamma-uil
Het gamma-uiltje (Autographa gamma) vliegt nog steeds in ruime hoeveelheden. Vandaag ving ik er een die op mijn raam zat. Let op het ‘Y’-teken op de vleugel en de harige kuif.

Onderkant van de gehakkelde aurelia
Hier een gehakkelde aurelia (Polygonia c-album) fouragerend op een schermbloem.
Op deze foto is het C-vormige karakter, welke in de wetenschappelijke naam gebruikt wordt, goed zichtbaar op de onderkant van de vleugel.

Goed gecamoufleerde heivlinder
Als ze vliegt valt ze op, maar als de heivlinder (Hipparchia semele) op de grond zit is ze haast onzichtbaar.
Op de grond heeft de heivlinder altijd de vleugels dicht en richt de kop meestal naar zon om zo min mogelijk schaduw op de bodem te maken.

Pas uitgeslopen wilgenhoutrups
Tijdens een avondwandeling langs de Moezel vond ik een wilgenhoutrups (Cossus cossus) die net uitgeslopen was. Anders dan je van de naam wilgenhoutrups zou verwachten, gaat het hier om de vlinder, niet de rups. (De oude naam was inderdaad wilgenhoutrupsvlinder).
De vlinder was zo vers, dat ze nog bezig was haar vleugels op te pompen. Dit is ook op de foto te zien.
Toen ik verder zocht vond ik nog een aantal lege poppen en kleine gaten in de grond waar de vlinders uit kwamen.
De Engelse naam voor de wilgenhoutrups is ‘Goat Moth’, naar de sterke geur die de rups afgeeft. De rups kan wel tot vijf jaar leven tot ze gaat verpoppen.

Apollovlinder op walstro
… vervolg.
Daar is ze dan in al haar schoonheid: de apollovlinder (Parnassius apollo). En ik kan je vertellen dat ze in werkelijkheid nog veel mooier zijn.
De vleugelpunten zijn een beetje transparant en als je de vleugels aanraakt (ja, ik heb het gedaan!) knispert het als zuurtjesverpakking.
Recente reacties